De gemeenteraad,
Gelet op artikel 170 § 4 van de Grondwet;
Gelet op artikelen 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur;
Gelet op het decreet 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Gelet op het artikel 6, §8 van de wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters, de identiteitskaarten, de vreemdelingenkaarten en de verblijfsdocumenten;
Gelet op de verplichte aanpassingen gebaseerd op de schommelingen van de gezondheidsindex;
Gelet op het gemeenteraadsbesluit dd. 14/01/2025 waarbij deze retributie werd vastgesteld;
Artikel 1 : Er wordt voor de dienstjaren 2026 tot en met 2031 een indirecte retributie gevestigd op het afleveren door het gemeentebestuur van administratieve stukken.
Artikel 2 : De retributie is verschuldigd door de persoon die het stuk vraagt.
Artikel 3 : Zijn van de retributie vrijgesteld:
a) de stukken die krachtens een wet, een decreet of een reglement onderworpen zijn aan de betaling van een speciaal recht ten voordele van de gemeente;
b) de stukken die krachtens een wet, een KB of andere overheidsverordening kosteloos door het gemeentebestuur dienen te worden afgegeven;
c) de stukken die aan behoeftige personen worden afgegeven : de behoeftigheid wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk;
d) de machtiging met betrekking tot activiteiten, die als dusdanig reeds het voorwerp zijn van een heffing, van een belasting of retributie ten behoeve van de gemeente;
e) de mededeling door politie aan de verzekeringsmaatschappij en van de inlichtingen omtrent het gevolg dat gegeven werd terzake van verkeersongevallen op de openbare weg;
f) de machtigingen met betrekking tot godsdienstige, politieke demonstraties;
g) de geldigverklaring van aankoopformulieren voor vermindering op biljetten van de NMBS, NMVB en de openbare autobusdiensten;
h) de werkzoekende werklozen :
- de minder begoede werklozen, de afgestudeerden, de eindejaarsstudenten en eindejaarsleerlingen
- de werkzoekenden die het bestaansminimum als enig inkomen hebben;
i) de ingedeelde inrichtingen of activiteiten uitgebaat door het gemeentebestuur, het OCMW-bestuur of een ander ondergeschikt bestuur.
j) het uittreksel uit het strafregister
Artikel 4 : De retributie wordt vastgesteld als volgt:
| Niet aan zegelrecht onderworpen getuigschriften : eerste exemplaar bijkomend exemplaar digitaal te bezorgen getuigschriften : geen retributie |
2 euro 1 euro / |
| Elektronische identiteitskaarten (+12), ook voor spoedprocedures : retributie (bovenop de kostprijs aangerekend door FOD Binnenlandse zaken) |
5 euro |
| Elektronische identiteitskaarten (-12) : geen retributie |
/ |
| Elektronische verblijfsdocumenten vreemdelingen, ook voor spoedprocedures : retributie (bovenop de kostprijs aangerekend door FOD Buitenlandse zaken) |
5 euro |
| Digitaal rijbewijs, internationaal rijbewijs en voorlopig rijbewijs : retributie (bovenop de kostprijs aangerekend door FOD Mobiliteit) |
5 euro |
| Reispassen, ook voor spoedprocedures : retributie (bovenop de kostprijs aangerekend door FOD Buitenlandse zaken) |
5 euro |
| Indienststelling van nieuwe PIN/PUK-code : retributie |
5 euro |
| Trouwboekjes retributie |
10 euro |
Artikel 5 : Basisbedragen Omgevingsvergunning :
| Afleveren akteneming van een melding : - van stedenbouwkundige handelingen - van ingedeelde inrichtingen en activiteiten - van stedenbouwkundige handelingen en ingedeelde inrichtingen en activiteiten |
30 euro 30 euro 30 euro |
| Afleveren van een omgevingsvergunning, vereenvoudigde procedure : - voor stedenbouwkundige handelingen - voor ingedeelde inrichtingen en activiteiten - voor stedenbouwkundige handelingen en ingedeelde inrichtingen en activiteiten |
30 euro 30 euro 60 euro |
| Afleveren van een omgevingsvergunning, gewone procedure : - voor stedenbouwkundige handelingen - voor ingedeelde inrichtingen en activiteiten - voor stedenbouwk. handelingen en ingedeelde inrichtingen en activiteiten |
60 euro 60 euro 120 euro + 30 euro (per kavel of woonentiteit) |
| Stedenbouwkundig attest |
25 euro |
| Planologisch attest |
50 euro |
| Opname van een constructie in het vergunningenregister |
10 euro |
| Intrekking van een vergunningsaanvraag |
10 euro |
| Verzaking aan een verkaveling |
10 euro |
| Machtiging |
10 euro |
| Omgevingsvergunning voor een kleinhandelsvestiging |
25 euro (mogelijk cumulatief) |
| Notariële inlichtingen + per aangrenzende percelengroep |
100 euro forfait + 50 euro |
| Toelating verbranden van houtafval/snoeihout |
2 euro |
Aanrekening in functie van de aard en het type :
| indien milieueffectrapportage-plichtig of veiligheidsrapportage-plichtig |
100 euro |
| indien openbaar onderzoek met publicatie |
effectieve kosten voor de publicatie |
| indien openbaar onderzoek met individuele kennisgeving |
effectieve kosten voor individuele kennisgeving |
| indien omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden |
+ 50 euro per kavel |
| indien omgevingsvergunning voor een meergezinswoning |
+ 50 euro per woonentiteit |
| indien op analoge wijze ingediend dossier |
+ 50 euro |
Artikel 6 : Bij laattijdige of niet-betaling zijn alle invorderingskosten ten laste van de belastingsplichtige.
Artikel 7 : Bij de aanvraag zal een bedrag gelijk aan de retributie vermeerderd met de eventuele verzendkosten, in consignatie worden gegeven aan de financieel directeur.
Artikel 8 : De retributie en de eventuele verzendkosten moeten bij het afleveren van het stuk contant worden betaald.
Indien de retributie niet contant kan worden geïnd wordt deze retributie een kohierbelasting. Na de inkohiering krijgt de oorspronkelijke contantbelasting alle kenmerken van een kohierbelasting. Dit impliceert dat die contante retributie niet onmiddellijk eisbaar is, maar dat er een aanslagbiljet moet worden toegezonden, er een betalingstermijn is van 2 maanden en een bezwaartermijn van drie maanden, vanaf de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 9 : De belastingsschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contante inning.
Artikel 10 : De vestiging en de invordering van de retributie, alsook de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Artikel 11 : Het schepencollege wordt gelast met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 12 : Deze verordening wordt onverwijld aan de toezichthoudende overheid overgemaakt.